11-07-09

Neurologie (4)

In het weekend verveelde ik me. Er waren geen dokters, logopedisten, ... ik wou naar huis gaan. Ik moest een hartslagmeter (of zoiets*) aandoen, had ik iets met mijn hart? (*holteronderzoek)

Ik had geld gekregen van de dag ervoor en ik wou kaartjes en postzegels kopen. Maar ik kende de woorden 'postzegel', 'brievenbus', 'kaartje' niet. Ik belde naar mijn moeder (ik had een gsm!), het duurde wel 10 minuten voordat ik wou zeggen dat ik die woorden niet kende en wat juist en dan schreef ik ze op een papiertje. Toen ben in naar beneden, naar de winkel gegaan, kaarten en postzegels gekocht. Gelukkig kende ik de waarde van geld nog, ik kon rekenen, ik kon betalen! Ik ging terug naar boven naar mijn kamer. Ik schreef de adressen maar ik wist niet goed wat ik nog wilde schrijven. Ik kon geen zinnen maken, ja ik schreef een paar woorden, geen zinnen. Ik ging terug naar beneden, naar de postbus. Oei  'Waar is de postbus?', maar ik wist niet hoe ik moest zeggen 'Waar is de postbus?'. Help. Ik kon niet praten! Toch heb ik geprobeerd te vragen, de postbus heb ik gevonden. Ik zag iemand die ik kende bij het onthaal, ik babbelde tegen haar, ze wist dat ik ziek was en ze was blij dat het heel goed gaat. Heel goed? Tja, ik was vrolijk, ik durfde praten dus ... het zal wel lukken! Ik ging terug naar boven naar mijn kamer. Wat een avontuur! Knipogen

Ik kreeg veel bezoek, bijna allemaal familie, maar niet mijn zoon en mijn dochter die vertrokken op kamp, mijn kleinste dochter die bij een vriendinnetje bleef slapen en naar een feestje ging, mijn man die op rock Werchter (optrede van Madonna) was.

Mijn schoonzus die mij bezocht, hielp me. Ik wou met haar babbelen en ik wou schrijven (dat hielp). Ik schreef in mijn schrift de planning van de vakantie en ze hielp: ... nieuwe woorden: boogschieten, survival, sportkamp ... dingen die mij kinderen gaan doen.

Mijn broer en zijn vriendin gaven een cadeautje, 'mijn verleden of geheugen': mijn familieblog had hij geprint, 92 bladzijde! 'Moest ik dat lezen?' Ik heb dat zelf toch geschreven, mijn echt geheugen werkte hoor! Dat vond ik toch, en als ik terug uit het ziekenhuis ben dan ga ik verder bloggen. Mijn broer vond dat ik dat nog niet kon en dat ik nooit helemaal inorde zal worden. Raar! Was ik zo ziek?

Ik kreeg veel bloemen van mijn bezoekers. Leuk!

Ik stuurde sms'en naar mijn moeder en schoonmoeder (ik wou sms'en dat de turnpakjes van mijn dochter niet in de droogkast mag). Ik was blij dat mijn schoonmoeder de was waste, droogde en strijkte.

Ik stuurde sms'en naar een paar collega´s en ik kreeg antwoorden (zoals beterschap, ...). Ik kreeg ook een telefoon van mijn baas, hij praatte Engels en ik begreep hem wel, vond ik.

Zondagavond kwamen mijn man, mijn schoonmoeder en mij dochter mij bezoeken. Mijn man had ´s middags mijn zoon naar het chirokamp gebracht, het kamp begon met een bezoekdag dus mijn schoonmoeder en mijn dochter kwamen mee. Ik was blij dat ik mijn dochter zag!

Mails van mijn werk:

Subject: Afa is in hospital - update

I also got SMS messages on Saturday & Sunday. From the messages, she sent, it looks like she had a better day on Saturday than Sunday. The ones from Sunday were a bit more confusing than the ones from Saturday. But indeed it’s already a good sign that her memory works. But she always mentions that her talking is not OK. Let’s hope that this also recovers soon. Since she is unable to make a conversation I did, of course, not phone her. K.

----------------

Afa sent me 2 SMS messages on Saturday, because talking still seems to be somewhat difficult. But the fact that she was able to send an SMS, is somewhat reassuring, I think … A.

10-07-09

Neurologie (3)

Ergens wist ik dat ik ziek was maar ik wist niet juist wat en waarom? Mijn bezoekers, mijn man, de dokter, de verpleegster vertelden van alles maar ik kon niet volgen. Op een bepaald moment toen ik alleen was, vroeg ik aan de verpleegster wat ik had. Ze zei een paar woorden maar ik begreep het niet. Ze schreef op een papiertje: Beroerte = Hersen Infarct = Stroke. Oh, dat heb ik! Gelukkig dat ik nog kon lezen.  

Ik wou graag thuis zijn. Altijd plande ik de agenda´s van mijn kinderen, ze doen heel veel activiteiten tijdens het schooljaar maar ook tijdens de vakantie. Zaterdag zou mijn dochter en zondag mijn zoon vertrekken naar het chirokamp. Mijn jongste dochter had een verjaardagsfeestje zaterdag en dinsdag zou ze ook naar het chirokamp vertrekken. Ik vertelde waar de kampboekjes, de medische fiches van de kinderen waren. Wanneer moeten ze vertrekken, wat hebben ze nodig, ...  Mijn zus hielp om de koffers in te pakken. Ik vroeg aan mijn man om het adressen van de chirokampen te krijgen, ik wou graag kaartjes schrijven.

Oh, mijn kuisvrouw was op vakantie en volgende vrijdag zou ze terug komen. Ik moest nog dienstencheques aanvragen want ik had er niet genoeg. Ik vertelde aan mijn man wat hij moest doen om mijn cheques aan te vragen.

Oh, ik moest mijn boeken nog afgeven in de bibliotheek want anders ga ik een boete krijgen, ik vertelde dat aan mijn man.

Oh, maandag had ik een lunchafspraak van mijn collega, een goede vriendin. Ik belde naar mijn vriendin om te zeggen dat ik niet kan komen want ik was in het ziekenhuis. (Een paar weken geleden ging ik op babybezoek, mijn vriendin vertelde dat ze dat prachtig vond: ik had wel een stroke maar mijn geheugen werkte nog).

Gelukkig, ik kon plannen, organiseren, ... en ik had initiatieven! (Sommige hebben dat niet meer na een beroerte).

Ik kon wel communiceren, min of meer, ik deed mijn best. Ik had moeite om woorden te vinden, dus daar werkte mijn geheugen niet goed. Tja ... taal problemen!

Ik schreef in mijn schrift: de namen van mijn familie, vrienden, mijn collega´s ; de planning van de vakantie ; dingen die ik belangrijk vond ; wie kwam mij bezoeken ; wat moest ik nog op mijn blog schrijven ; ... Ik weet niet waarom, het hielp mij. Ik schreef ook mijn nieuwe woorden: slaapzak, lakens, afwasmachine, ... echt een miniwoordenboek. Gelukkig dat ik nog kon schrijven.

Als bezoekers kwamen dan begon ik te vertellen, ik las in mijn schrift (of ik spiekte) bepaalde woorden, mijn problemen dus: praten - spreken - verstaan - begrijpen - geheugen - taal.

Neurologie (2)

De vierde dag kreeg ik witte boterhammen, choco en koffie als ontbijt. Ik werd boos, ik drink nooit geen koffie dat is niet gezond, choco en witte boterhammen zijn ook niet gezond. In het ziekenhuis moet je ook gezond eten anders blijf je ziek! Oké ik ben dik (obesitas staat op het verslag), ik heb een pakje chips gegeten toen ik die avond een beroerte heb gekregen, misschien heb ik een hoge bloeddruk gekregen. Sorry ik zal nooit geen chips meer eten maar kun je gezond eten geven in het ziekenhuis? Dat is toch belangrijk?*

Ik mocht me douchen, zonder toezicht! Ik mocht in de gangen wandelen en babbelen tegen mensen en verpleegsters.

Ik verhuisde naar een tweepersoonskamer. De kamergenote, een vrouw van ongeveer 90 jaar, die kruiswoordraadsels oplostte, werd naar een ander kamer verhuisd. Ik kreeg een nieuwe kamergenote, terug een vrouw van ongeveer 50 jaar maar ze sliep alleen maar en ze was bewusteloos (coma?).

Ik wilde graag thuis zijn in het weekend. Ik wou de koffers van mijn twee oudste kinderen inpakken want ze wilden naar de chirokamp gaan. Ik mocht niet van de dokter, ik vond dat heel erg en ik huilde. Ik wou echt thuis zijn en de dokter vond precies dat ik wel binnen een maand wel eens een weekend mag thuis zijn. Ik begreep dat niet zo goed, moet ik zo lang in het ziekenhuis blijven en ik mag niet op reis gaan? Ik had een paar maanden geleden een vakantiehuisje gereserveerd en dat mocht ik niet meer!*

De kinesist, een toffe vrouw kwam me onderzoeken. Ik moest dingen doen maar ik begreep niet wat de kinesist vertelde. "Breng je wijsvinger naar het puntje van je neus" zei de kinesist en ik kon die zin niet ontvangen. De kinesist nam mijn vingers en deed het voor. Zo moest ik vanalles doen, de kinesist testte mijn coordinatie en alles was inorde. Een maand later vertelde mijn moeder, dat ze toen op bezoek was en dat ik sommige zinnen niet begreep. Mijn moeder herhaalde die zin  "Breng je wijsvinger naar het puntje van je neus" nog eens en ik kon die zin nog niet ontvangen. Woord per woord kon ik die zin pas begrijpen. Erg hee?! 

De logopedist kwam me onderzoeken. Ze kwam een paar testen en oefeningen doen, en  ik vond het moeilijk. Tegengestelde woorden kon ik niet vinden. Het tegengestelde van de dag is zwart, het tegengestelde van donker is wit vond ik. Sommige dingen kon ik wel, woorden lezen gaat goed, al de dagen, al de maanden, groenten, fruit, dieren kan ik wel lezen en ik begreep die woorden al. Voor sommige woorden zoals 'wakker worden' begreep ik niet goed, het had iets te maken met slapen maar wat juist?

Ik kreeg veel bezoek, mijn ouders, mijn zus en kids, mijn man, mijn schoonmoeder en ook mijn kinderen. Mijn kleinste dochter was er bij en ik was blij dat ik haar zag en vroeg of het leuk was geweest op haar kamp. En ze vond het daar leuk! Ik kende de namen van mijn bezoekers niet meer: ´Tomsimmeke' kwam uit mijn mond toen ik mijn schoonmoeder groette, de kinderen vonden dat heel grappig.

Ik kreeg een schriftje om woorden te schrijven, dat had ik gevraagd. Ik kreeg een beetje geld en mijn gsm van mijn man! Ik was blij dat ik mijn gsm kreeg want ik wilde telefoneren en sms´en maar dat lukte wel niet zo goed. Ik kon bellen maar ik kon niet goed praten. Ik kon SMS'en sturen maar de woorden vond ik niet.

 *Mijn karakter is veranderd, ik reageer impulsief en emotioneel.

 Mails van mijn werk:

Subject: Afa is in hospital - update

Afa’s husband sent an email, saying that he is having the impression that she’s a little bit better than earlier this week. He’ll hopefully know more once he has spoken with her doctor. But it looks like it will take a very long time to fully recover …

I’ll keep you updated if I hear more news. A.

09-07-09

Neurologie (1)

De derde dag kreeg ik een éénspersoonskamer op de afdeling Neurologie. 

's Morgens mocht ik niet eten, ik moest nuchter zijn voor het onderzoek. Het ondezoek was niet leuk, ze staken iets in mijn keel en ik moest precies overgeven. (slokdarm echocardiogram)

Ik mocht me douchen, een verpleegster kwam toezien. Ik kreeg shampoo, ik wou mijn haar wassen want mijn haar was heel vettig en ik wou mijn tanden poetsen want ik had geen tandenborstel en tandpasta.

Mijn man kwam mijn kleding en toiletzak brengen. Ik was blij dat ik mijn kleren aan mocht doen.

Ik kreeg eten, ik vond het niet zo lekker. Ik vertelde dat ik vegetarisch ben.

Ik kreeg bezoek. Mijn zus die een verpleegster is, mijn ouders, mijn man en mijn twee oudste kinderen kwamen mij bezoeken.

Ik kreeg een blad papier en een stylo van mijn man. Ik kon niet praten, ik had woordvindingsproblemen en ik begreep niet alles. Dat blad papier hielp, de woorden die ik niet begreep vroeg ik aan mijn bezoekers om de woorden op te schrijven. Ik kon beter lezen dan luisteren. De woorden die ik direkt vergat, heb ik de woorden opgeschreven op een blad. Als ik iets wou zeggen en ik kende de woorden niet meer dan keek ik op mijn blad papier. Ik kon wel lezen! Zo kon ik al een beetje communiceren.

08-07-09

Intensieve

Op spoed heeft mijn man mijn handtas afgenomen, alleen mijn bril kreeg ik. De dokters onderzochten mij, ik kreeg een ziekenhuis kleed aan. Mijn man bleef kijken en mijn moeder kwam ook, mijn vader ging verder naar de macro en dan kwam hij mijn moeder terug halen. Op een bepaalde moment moest mijn man weg van de dokter.

Daartussen weet ik het niet meer.

Ik heb 2 dagen op het intensieve gelegen. Ik lag aan een baxter. Om het uur kwam een verpleegster/verpleger eens kijken, ook ´s nacht. Ik volgde de klok, het is bijna avond of het is middernacht, ...  de verpleegster waste mij ´s morgens, ... Af en toe was er een onderzoek. Af en toe was er ook bezoek, mijn man, mijn ouders, mijn broers en hun vrouwen en mijn zus, niet allemaal samen. Ik wist niet juist wat ik had maar ik vertrouwde het ziekenhuis. Ik ben ziek maar ik zal wel gezond worden, dacht ik. Het bezoek had een beetje een begrafenisstemming.

Ik lag samen met een andere persoon, die ademde met veel geluid, kuchen, hoesten en precies aan het sterven. Een beetje griezelig.

Ergens de eerste avond was er een verpleger die bij de scouts was, ik was leidster van hem lang geleden. Ik vond dat wel tof, hij kende mij.

Af en toe moest ik naar de wc, ik vroeg het aan de verpleegster en ze kwam met een bedpan, als het dringend is dan kan ik het maar anders is het moeilijk (zittend is veel makkelijker). Mijn moeder vertelde een paar weken later toen ze mij bezochte op de intensieve en dat ik niet veel zei, een paar woorden, aarzelde en dan vlot zei dat ik naar de wc moest...

Op een bepaalde moment wou ik eten, ik vroeg het aan de verpleegster, die ging even weg en dan zei ze dat het nog niet mag.

Het alarm van de baxter piepte soms als mijn rechter arm werd bewogen.

De tweede dag moest ik naar de wc, het lukte niet met die bedpan, ik vroeg dat ik wilde zitten, ze brachte een stoel met een pot erin. Dat lukte wel.

Later moest ik weer naar de wc, ze brachte de wc-stoel en ik mocht zitten. De verpleegster was eventjes weg. Ik had het gedaan en ik dacht ik zal terug in mijn bed zitten. Ik deed het maar ineens was er veel bloed op de lakens (de baxternaald was uit mijn arm gekomen). Ik begon te wenen, een beetje in paniek. (Waarschijnlijk had de baxter bloedverdunner in).

De tweede avond mocht ik iets eten. Ik kreeg ook water, maar heel weing, ik wist niet waarom. Het lukte en toen kreeg ik meer. (De verpleegster dacht dat ik slikproblemen kon hebben).

De tweede avond kwamen mijn kids me bezoeken, de jongste was er niet want die was op kamp. Ik was blij dat ik mijn kids zag. Mijn zoon begon te wenen, ik troostte hem. Toen het ijs gesmolten was, konden de kids wel lachen van de rare woorden en zinnen die ik zei. Ik kon niet goed praten, de woorden die uit mijn mond kwamen waren meestal 'Afa' en 'papieren'.

Mails van mijn werk:

Subject: Afa is in hospital

Afa’s husband called to let us know that Afa has had a stroke on Monday night; she’s in hospital now, and she will be unable to work for several weeks.

I’ll buy a card; feel free to come to my office to sign the card.

I’ll keep you updated if I get any more news. A.

Gepost in Mijn verhaal | Commentaren (0) | Tags: afasie, week1

07-07-09

Naar spoed

Mijn man vroeg mijn SIS kaart en hij herhaalde het nog eens en vroeg het nog harder, hij was precies heel boos. Ik gaf mijn sis-kaart. Hij zei ook iets van een collega, hij toonde mijn adresboekje, waarschijnlijk wou hij bellen naar mijn werk, maar ik begreep het niet goed. Ik nam mijn handtas en een flesje water.

Hij vertrok naar spoed en ik moest mee. Het was heel warm, het was ongeveer 11u, ik had precies zuurstof nodig, ik moest heel veel gapen en ik was doodmoe. Mijn man stopte even om een brief in de postbus te steken, ik dacht "Goed dat mijn dochter mijn brief gaat krijgen". Ik begon te slapen, toen ik bijna in het ziekenhuis kwam, moest ik overgeven. Toen waren de dokters er en ik moest direkt in een ziekenhuisbed liggen.

Stuk van het verslag:

Ziektegeschiedenis: Rond 12u deze nacht bij het rechtstaan uit de zetel een instabiliteitsgevoel. Ze geraakte nog tot haar kamer. Rond 8u werd ze wakker en bleek zij verward te zijn. Zij antwoordde niet adequaat. Ze kon de namen van de kinderen niet zeggen. Ze spreekt af en toe engels. Ze blijft maar herhalen ´dat ze niet alles meer weet´. Ze douchte zich nog, kleedde zich zelf aan.

Deel van het Onderzoek: Ze kijkt bij aanspreken. Ze voert enkel sporadisch opdrachten uit, de meeste zoals vingers knijpen etc doet ze niet. Bij vraag om voorwerpen en kleuren te benoemen, antwoordt ze met ´dat begrijp ik niet´. Ze zegt continu ´niet alles te hebben´. Ze lijkt te begrijpen, doch bij gerichte vragen krijgen we telkens een inadequaat antwoord (op de vraag waar we zijn, somt ze de namen van haar kinderen op; op de vraag welke maand we zijn, zegt ze woensdag). 

Wanneer heb ik het gekregen?

Ik was 39 jaar.

Een maandag ... De kinderen hadden grote vakantie. Ik bracht mijn dochter en een vriendinnetje op een sportkamp op internaat een uurtje rijden. Mijn man bracht de andere twee kinderen naar een extern sportkamp. Daarna ging ik werken. Het was niet druk, veel mensen waren op vakantie. ´s Avonds na het werk ging ik naar mijn schoonmoeder om mijn kinderen te halen. Mijn schoonmoeder was de kinderen van het kamp al gaan halen en ze kookte eten voor hun. Terug thuis, gingen de kinderen zich douchen, een pyama aan doen en TV kijken. Mijn man kwam ook thuis. De kinderen gingen slapen.

Toen ze sliepen, deed ik het huishouden.  Kleding wassen, drogen en plooien. De keuken proper maken, het servies in de afwasmachine steken. Daarna schreef ik een brief naar mij dochter, die op een internaatkamp was. Het was niet echt een brief maar een knutselbrief. Mijn dochter vond dat wel leuk. Ik was moe van te knutselen, nog eventjes TV-kijken en ik at chips. Rond middernacht was ik doodmoe. Ik wou gaan slapen, mijn tanden poeten, naar boven, ik kon mijn BH niet open doen, mijn rechterhand werkte niet. Ik riep iets naar mijn man die nog aan het TV kijken was, om mijn BH open te doen en hij hielp mij maar hij was wel geïrriteerd want hij wou nog TV kijken. Ik heb mijn nachthemd aangedaan en ik heb al mijn kleding op een hoop gelegd. Normaal plooi ik mijn kleren maar ik was moe! Doodmoe!

Ergens rond 3u ´s morgens moest ik naar de wc. Ik was zo moe, ik voelde me ziek, geen hoofdpijn ofzo maar gewoon ... ziek. Ik dacht:" 's Morgen kan ik niet werken want ik ben ziek. Mijn kinderen moeten naar het sportkamp gaan, mijn man moet hun brengen en hun boterhammen maken want ik kan het niet." Rond 7u30 ofzo heb ik mijn man wakker gemaakt maar ik kon niet praten denk ik, een paar woorden zei ik. Ik ben verder gaan slapen, effekes ben ik naar beneden geweest naar de wc, mijn zoon heeft mij gezien en hij vroeg "Gaat het? Ben je ziek?". Ik weet niet wat ik gezegd heb. Mijn man heeft de kinderen naar het kamp gebracht. Ik ben uiteindelijk gaan douchen. Ik heb mijn vuile onderbroek in de vuilnisbak gestoken, en daarna dacht "Oei, ik moet het in de vuile wasmand steken en niet in de vuilnisbak" dus ik was precies verstrooid. Na het douchen heb ik mijn kleren aangedaan. Ik ben daarna gaan slapen in de zetel en ik had een korst brood genomen want je moet ´s morgens eten natuurlijk, dacht ik.

Mijn man had door dat ik al ziek was. Hij kwam terug van het kamp en hij werkte van thuis op zijn laptop zodat hij mij kon verzorgen. Hij heeft naar de huisdokter gebeld maar de dokter zei dat ze wel na de middag kon komen. Ik kon niet communiceren, ik wist niet dat ik niet kon praten, ik begreep niet wat mijn man vertelde en hij was precies altijd boos. Opeens dacht ik, ik heb steun nodig, het gaat niet. Ik heb mijn GSM genomen, ik heb naar mijn vader gebeld (dat kon ik wel) maar ik kon niet praten, ik zei een paar woorden iets van meisjes, jongen (mijn kinderen) ofzo iets. Mijn vader was ook boos, het was precies een grap omdat ik niet kon praten. Ik kon niet zeggen: "Hallo, ik ben Afa en ik ben ziek en ik ben thuis". Dat kon ik niet. Uiteindelijk heeft mijn moeder de telefoon van mijn vader genomen. Mijn moeder kende mijn stem en ze zag dat er iets verkeerd was. Mijn moeder hielp, ze zei lieve woorden, ze was niet boos. Mijn man heeft dan gezien dat ik aan het bellen was, hij heeft mijn GSM genomen en ze hebben tegen elkaar zitten praten. Mijn ouders hebben naar mijn zus, ze is een verpleegster, gebeld. Mijn zus dacht dat ik een beroerte heb gekregen en ze zei dat het belangrijk is om direkt naar spoed te gaan. Daardoor heeft mijn man mij naar spoed gebracht. Het was nodig!