24-09-09

Geheugenkliniek

Mijn man had verlof en hij bracht me naar de logopedist. Ik deed mijn uurtje 'logopedie', daarna stapte ik naar het station en nam de trein naar Leuven. Ik ging 's middags iets eten en dan stapte ik een uurtje naar 'de geheugenkliniek'. Daar had ik een uitgebreid neuropsychologisch onderzoek.

De neuropsycholoog startte het gesprek en ik vertelde mijn verhaal en mijn frustratie (niet-mogen-rijden). Daarna begon een eerste deel van het onderzoek  (testen ivm geheugen , taal, aandacht, concentratie, ...) daarna kreeg ik een afspraak van het tweede deel. Het resultaat kreeg ik veel later.

Na het onderzoek ging ik met de bus naar het station, at ik mijn avondmaal en dan nam ik de trein naar de sporthal. Mijn kinderen deden sport, mijn man was in de cafetaria, en ik kon meerijden samen met de kinderen terug naar huis. Drukke dag, met een auto gaat het veel sneller, met het openbaar vervoer is het precies een uitstapje. Ik was ook aan het denken dat het goedkoper zou zijn om een reductiekaart te vragen (ik heb 3 kinderen), dus ik informeerde aan het loket en vroeg het aanvraagsformulier.

Verslag (samenvatting van het gesprek):

Patiente vertelt vandaag op raadpleging dat ze recent een beroerte doormaakte en dat '1/3 van de linkerkant weg is'. Ze heeft moeite met horen, begrijpen en praten. Naar eigen zeggen is organisatie  in orde. Het huishouden runnen kost haar moeite. De voorbije twee maanden heeft ze wel een vooruitgang opgemerkt. Aanvankelijk wist ze de namen van haar kinderen niet, wat nu terug in orde is. De spontane spraak is weinig fluent.

Ze bemerkt geen geheugenveranderingen. Ze zegt nog alles te weten van haar werk (hoge functie, waar ze veel Engels praat). Ze heeft moeite met dictee: moeite om zinnen te onthouden en te herhalen. Soms zijn de woorden weg. Ze zegt zich vrij goed te kunnen concentreren.

Emotioneel zegt ze het heel moeilijk te hebben omdat ze 6 maanden niet met de wagen mag rijden. Ze kan de kinderen niet naar school of hun activiteiten brengen, kan geen boodschappen doen. Ze vindt het moeilijk om hulp te vragen aan haar familie of man. Deze praktische problemen zorgen vaak voor conflicten bij het koppel. Patiente bemerkt dat ze 'gehandicapt' is en 'mentaal minder is dan hij'. Ze stelt zich ook vragen hoe ze naar het werk moet gaan wanneer ze het werk mag hervatten.

Patiente is erg gemotiveerd, maar opvallend is haar wat rigiede en perseverende houding omtrent het rijverbod en de praktische beslommeringen die hiermee gepaard gaat.

Mijn reactie:

Toen ik het doktersverslag las werd ik boos en triestig, ik vond het verslag niet juist, precies of ik echt niet kan boodschappen doen en mijn kids naar school kan brengen, ik kon dat wel, met de fiets, het was gewoon veel moeilijker. Die dokter schreef alles letterlijk wat ik zei, terwijl ik moeilijk kon praten! De vorige dokter was veel beter, die begreep mij, zij vertelde dat ik niet genoeg woorden heb om te vertellen wat ik wou zeggen en bij eenvoudige zinnen gaan er soms noodzakelijk nuances verloren, zij was een goede dokter!

De commentaren zijn gesloten.