08-07-09

Intensieve

Op spoed heeft mijn man mijn handtas afgenomen, alleen mijn bril kreeg ik. De dokters onderzochten mij, ik kreeg een ziekenhuis kleed aan. Mijn man bleef kijken en mijn moeder kwam ook, mijn vader ging verder naar de macro en dan kwam hij mijn moeder terug halen. Op een bepaalde moment moest mijn man weg van de dokter.

Daartussen weet ik het niet meer.

Ik heb 2 dagen op het intensieve gelegen. Ik lag aan een baxter. Om het uur kwam een verpleegster/verpleger eens kijken, ook ´s nacht. Ik volgde de klok, het is bijna avond of het is middernacht, ...  de verpleegster waste mij ´s morgens, ... Af en toe was er een onderzoek. Af en toe was er ook bezoek, mijn man, mijn ouders, mijn broers en hun vrouwen en mijn zus, niet allemaal samen. Ik wist niet juist wat ik had maar ik vertrouwde het ziekenhuis. Ik ben ziek maar ik zal wel gezond worden, dacht ik. Het bezoek had een beetje een begrafenisstemming.

Ik lag samen met een andere persoon, die ademde met veel geluid, kuchen, hoesten en precies aan het sterven. Een beetje griezelig.

Ergens de eerste avond was er een verpleger die bij de scouts was, ik was leidster van hem lang geleden. Ik vond dat wel tof, hij kende mij.

Af en toe moest ik naar de wc, ik vroeg het aan de verpleegster en ze kwam met een bedpan, als het dringend is dan kan ik het maar anders is het moeilijk (zittend is veel makkelijker). Mijn moeder vertelde een paar weken later toen ze mij bezochte op de intensieve en dat ik niet veel zei, een paar woorden, aarzelde en dan vlot zei dat ik naar de wc moest...

Op een bepaalde moment wou ik eten, ik vroeg het aan de verpleegster, die ging even weg en dan zei ze dat het nog niet mag.

Het alarm van de baxter piepte soms als mijn rechter arm werd bewogen.

De tweede dag moest ik naar de wc, het lukte niet met die bedpan, ik vroeg dat ik wilde zitten, ze brachte een stoel met een pot erin. Dat lukte wel.

Later moest ik weer naar de wc, ze brachte de wc-stoel en ik mocht zitten. De verpleegster was eventjes weg. Ik had het gedaan en ik dacht ik zal terug in mijn bed zitten. Ik deed het maar ineens was er veel bloed op de lakens (de baxternaald was uit mijn arm gekomen). Ik begon te wenen, een beetje in paniek. (Waarschijnlijk had de baxter bloedverdunner in).

De tweede avond mocht ik iets eten. Ik kreeg ook water, maar heel weing, ik wist niet waarom. Het lukte en toen kreeg ik meer. (De verpleegster dacht dat ik slikproblemen kon hebben).

De tweede avond kwamen mijn kids me bezoeken, de jongste was er niet want die was op kamp. Ik was blij dat ik mijn kids zag. Mijn zoon begon te wenen, ik troostte hem. Toen het ijs gesmolten was, konden de kids wel lachen van de rare woorden en zinnen die ik zei. Ik kon niet goed praten, de woorden die uit mijn mond kwamen waren meestal 'Afa' en 'papieren'.

Mails van mijn werk:

Subject: Afa is in hospital

Afa’s husband called to let us know that Afa has had a stroke on Monday night; she’s in hospital now, and she will be unable to work for several weeks.

I’ll buy a card; feel free to come to my office to sign the card.

I’ll keep you updated if I get any more news. A.

Gepost in Mijn verhaal | Commentaren (0) | Tags: afasie, week1

De commentaren zijn gesloten.